filmpjes - doelgroep: leraren, ouders
filmpje 7 van 9 - 00:11:40 - 24 december 2010 - voor leraren, ouders
Introduurt 00:00:49 |
|
Rollenpatronen doorbreken in de kleuterklasduurt 00:03:12 |
|
Jongens en meisjes apartduurt 00:02:22 |
|
Silvia (17) wordt vrachtwagenchauffeurduurt 00:03:04 |
|
Jongenscoachduurt 00:02:13 |
onderwerpen: gelijke onderwijskansen, gelijke kansen, jongens, meisjes, gender, de eerste lijn, studiekeuze, studiebegeleiding
Meisjes zijn anders. En jongens ook. Maar hoe ga je met die verschillen om in de klas? Mieke Maerten van Documentatiecentrum Rosa geeft tips om je genderbewustzijn aan te scherpen. De lerarenopleiding van de KHLim heeft zelfs een 'jongenscoach'. Op de website www.genderindeklas.be vind je nog meer advies om genderbewust om te gaan met je leerlingen.
Klik hier voor het volledige eerstelijnsdossier over "Meisjes/Jongens".
Hieronder vind je de weergave van de gesproken tekst in het filmpje. Je kan deze tekst ook als ondertitelingsbestand (TimedText) downloaden
(VOICE-OVER) Jongens en meisjes hebben evenveel talenten en verdienen gelijke kansen.
Dat lijkt vanzelfsprekend. Toch speelt het geslacht van leerlingen
onbewust toch een grote rol in het onderwijs.
Zijn jongens beter in techniek dan meisjes
en voelen jongens zich altijd aangesproken in de klas ?
Mieke Maerten geeft tips om je genderbewustzijn aan te scherpen.
(LENNERT) Jongens zijn sterker dan meisjes.
(KATO) De meisjes spelen het liefst met de poppen, de jongens met de piraten.
(CAMI) Jongens hebben kleinere haren.
(LENNERT) Meisjes zijn braver dan jongens. Soms eens. Soms.
(CAMI) Jongens kunnen beter babbelen dan meisjes.
(VOICE-OVER) Meisjes zijn anders en jongens ook,
maar hoe ga je met die verschillen om in de klas ?
We kijken mee in de peuterklas van juf Audrey
waar jongens ook in de poppenhoek spelen
en meisjes de werkbank ontdekken.
(JUF AUDREY) Jongens spelen bruter, gaan in de poppenhoek met de poppen spelen,
maar dat is dan eerder van die pop vastpakken
en die kop gaat op de grond en die wordt overal gedropt.
Meisjes zijn rustiger, zorgzamer.
Die gaan ook al zo echt zo de pop eten geven.
Maar als jongens met de poppenwagens rijden,
gaan die ook achter elkaar rijden en op de duur is dat eigenlijk
een loopspelletje en die pop, die vliegt maar.
Daar zijn onze poppemies. Zijn ze wakker ?
Hebben ze goed geslapen, Bo ? - (BO) Ja.
(JUF AUDREY) Oei, oei. O, haar neus.
(JUF AUDREY) Ik probeer toch wel te stimuleren dat de jongens
niet altijd stoer moeten zijn en altijd in de autohoek moeten spelen,
want als ik dan zie dat het druk wordt in de autohoek of...
Dan doe ik ook jongens een schort aan en zeg ik:
Wie gaat er iets lekkers koken ? Ik heb al wat honger.
En de meisjes zeggen dan ook wel zo een keer iets stoers van:
Wij kunnen dat ook. Dan gaan ze een helm halen en een zaag
en dan beginnen ze overal te werken. Dus dat probeer ik te stimuleren.
(MIEKE MAERTEN) Er is natuurlijk niet 1 juiste manier om een jongen of meisje te zijn.
Allerlei invullingen zijn mogelijk en zeker bij kleuters.
In deze ontwikkelingsfase is dat zeker zo.
Ze proberen van alles uit. Ze experimenteren, tasten grenzen af
en dan is het belangrijk als leerkracht dat je ze niet belemmert
in die grenzen, dat je niet gaat hun wereld kleiner maken,
maar dat je ze van alles laat proberen.
Dat wil daarom niet zeggen dat genderstereotypen
geweerd moeten worden in de klas. Ze mogen ook echte jongens zijn
en echte meisjes zijn. Ook dat behoort bij die ontwikkelingsfase
en ook dat is oké.
(VOICE-OVER) Ook in de derde kleuterklas van basisschool De Pimpernel
mogen de kleuters hun genderidentiteit uitzoeken.
Het thema jongens-meisjes wordt niet uit de weg gegaan.
Integendeel, juf Tine brengt het ter sprake in een klasgesprek.
(JUF TINE) Safir, denk je dat dit werkje van een jongen is of van een meisje ?
(SAFIR) Een jongen. - (JUF) Is dat niet voor meisjes ?
(MEISJE) Jawel.
(JONGEN) Nee. - (JUF) Nee ?
Mogen meisjes er niet mee spelen ? - (JONGEN) Jawel.
(JUF TINE) Het verschil tussen jongens en meisjes leeft in de klas.
Kinderen hebben wel 'n eigen mening en komen er ook wel goed voor uit.
Er komen ook thema's aan bod die op 't eerste zicht
meer voor jongens gericht zijn, bijvoorbeeld het thema ridders.
Dat lijkt dan eerst voor jongens.
Prinsessen komen er natuurlijk ook bij,
dus dan spelen ze vaak mooi samen en dan zie je toch ook wel
dat jongens zich durven verkleden als een prinses of omgekeerd
en dat ze dat ook eens willen ontdekken van: Hoe doen zij dat ?
(MIEKE) Je kan als leerkracht best alle vormen
van jongens- en meisjesgedrag 'n plaats geven in je klas.
Het is niet omdat 'n jongen eens een prinsessenkleed aantrekt
in 'n fantasiespel dat hij geen echte jongen is
en het is niet omdat een meisje eens haar pop achteloos
achter zich aan sleept, dat ze geen echt meisje is.
Dus wat het precies inhoudt om een jongen te zijn of een meisje,
dat kan de kleuter zelf bepalen en op zijn eigen manier invullen.
(VOICE-OVER) In het Instituut Zusters Maricolen in Maldegem
deelt de directeur zijn klassen van het eerste jaar bewust in
op basis van geslacht. Hij maakt jongens- en meisjesklassen
als er tijdens 't schooljaar tuchtproblemen zijn
en voor vakken, zoals technologie en lichamelijke opvoeding,
zitten jongens en meisjes sowieso apart.
(DIRECTEUR) In een gemengde groep loopt 't soms fout
omdat meisjes iets vlugger evolueren dan jongens.
Dus jongens willen zich dan op 'n andere manier manifesteren
en daardoor is er soms wat minder aandacht in de klas
en vaak is het zo, als je hen dan uit elkaar haalt,
dat daar wel wat (AARZELT) positieve evolutie te merken is
aan één kant, zeker bij de meisjes, omdat die natuurlijk dan
in een iets rustigere groep zitten, maar ook voor de jongens
omdat die dan beter gevolgd kunnen worden,
dus wat kordater aangepakt kunnen worden en zo
't einde van 't jaar halen zonder grote problemen.
(MIEKE) Als je de jongens en meisjes gaat scheiden, zeg je in feite:
Alle meisjes zijn zo en alle jongens zo en da's natuurlijk niet waar.
Dus veel leerlingen gaan daar dan misschien, bij die methode,
uit de boot vallen. De beste manier om met deze verschillen om te gaan,
is om een zo gevarieerd mogelijk aanpak te verkiezen.
Je werkt met verschillende lesmethodes,
doet eens 'n groepswerk met iets waar er wat meer competitie in zit,
iets met veel creativiteit, iets meer talig en zo ben je zeker
dat je iedereen in de groep aanspreekt en dat iedereen
een methode vindt die het best bij zijn of haar talenten aansluit.
(DIRECTEUR) Je kan natuurlijk differentiëren, maar wanneer de problemen in de klas,
als het al geen sterke klas is en daar komen dan nog problemen
rond houding bij, dan is het makkelijker van
ergens hen op die manier wat op te splitsen
zodat je met specifieke aanpakken,
je differentiatie toch iets kan milderen
en op die manier dus een meer homogene groep kan creëren.
(MIEKE) Een klas is ook 'n beetje een spiegel van de maatschappij.
Het gaat in een school niet alleen om leerprestaties,
maar je leert sociale vaardigheden, je leert ook omgaan met elkaar
en als je die 2 klassen gaat scheiden, dan gaat
die belangrijke leerschool ook verloren.
Ik denk dat 't belangrijker is dat meisjes en jongens leren omgaan
met gelijkenissen en verschillen. In de echte wereld is het ook zo
en moeten ze ook leren omgaan met gelijkenissen en verschillen.
(VOICE-OVER) Je kan niet altijd 'n goede mix maken van meisjes en jongens in de klas.
Er zijn opleidingen in 't secundair waar geen enkele jongen voor kiest
en andere richtingen kampen met een echt meisjestekort.
Dat is ook zo in het Kito in Vilvoorde.
Ze bieden technische richtingen aan,
maar er schrijft zich zelden een meisje in.
De school doet er wel alles aan om dat te doen keren.
(DIRECTRICE) We proberen ook vrouwelijke leerkrachten aan te trekken
in die typische richtingen, elektriciteit, mechanica,
maar dat ligt niet zo voor de hand.
Anderzijds proberen we te werken met beeldmateriaal
zodat meisjes voor deze richtingen ook mee op de folder staan,
op de website in beeld komen,
en wij proberen ook via de onderwijsleerstijlentest
meisjes attent te maken op mogelijkheden in andere beroepen.
Ook de valkuilen, de problemen, maar ook de oplossingen.
En tenslotte, als vierde punt proberen we toch ook onze school
wat meer vrouwelijk aan te kleden, bijvoorbeeld bij een eetfestijn.
Ook meer bloemen in de onthaalruimte te zetten
en niet zuiver het secce karakter van de school.
(VOICE-OVER) Ze willen de school zachter maken en meer toegankelijk voor meisjes
en dat lijkt te lukken. Silvia zit in het zesde jaar
van de opleiding vrachtwagenchauffeur
als enig meisje tussen negen jongens.
(SILVIA) Ik koos voor de opleiding vrachtwagenchauffeur
omdat het me aansprak en ik vond het al van kinds af aan
heel stoer om die grote machines op de baan te zien
en ik wou dat ook later doen.
Ik zou het andere meisjes aanraden om deze richting te doen,
ook al is dit een soort jongensrichting,
maar als je deze richting echt wilt doen, zou ik er echt voor gaan,
ook al is de mentaliteit onder jongens een beetje anders,
maar op de duur sta je je mannetje, moet je je mannetje heel goed staan.
(MIEKE) Het is een goed initiatief om bij het werven van de leerlingen
en het voorstellen van de school rekening te houden daarmee
en roldoorbrekend te gaan werken, rolmodellen voor te stellen
in je taal, in je beeldvorming. Het niet-stereotype geslacht
erbij betrekken is 'n heel goed initiatief,
maar het echte werk gebeurt natuurlijk vooraf.
Dat begint al in de kleuterklas waar je dus dat beeld over:
Wat betekent 't om jongen of meisje te zijn ?
En wat kunnen jongens en meisjes of mannen en vrouwen zoal doen ?
Dat moet zo breed mogelijk gehouden worden.
(VOICE-OVER) Ook Stefanie koos voor 'n technische opleiding.
Ze weet al heel lang dat ze auto-inspecteur wil worden
en dus volgt ze de richting automechanica.
Dat is een bewuste keuze.
Ze heeft erover gepraat met haar ouders, kennissen en leraren.
(MIEKE MAERTEN) Een belangrijke taak is ook weggelegd voor de leerkracht
die de studiekeuzebegeleiding gaat doen.
Ook daar moet de leerkracht eens bij zichzelf nadenken van:
Wat zijn mijn eigen gendervooroordelen ?
Hoe denk ik daarover ? Ga ik mijn leerlingen begeleiden
in die of die richting omwille van hun vaardigheden en talenten
of denk ik bij mezelf misschien toch ook: Dit is een meisje,
dus is die richting het best voor haar geschikt.
Dit is een jongen. Misschien duw ik 'm beter in die richting.
(VOICE-OVER) Ook in 't hoger onderwijs kiezen meisjes en jongens
vaak nog voor een ander soort studierichting.
Meisjes kiezen voor onderwijs of zorgopleidingen
en jongens eerder voor exacte wetenschappen.
Dat merken ze ook in de Katholieke Hogeschool Limburg.
In de lerarenopleiding basisonderwijs
schreven vorig schooljaar tachtig jongens in en driehonderd meisjes,
maar slechts negen jongens studeerden af.
(DOCENT) Hoe komt het dat de jongens sneller afhaken dan meisjes ?
(JONGEN) Dat punctueel gedoe, dat ligt jongens gewoon niet echt.
Jongens doen gewoon, geen zever,
en hier is veel zever en weinig... minder doen.
(JONGEN) Omdat je hier veel bezig bent met taken maken, lessen maken,
werkstukken maken.
(JONGEN) Ook de structuur ontbreekt, want je moet zo veel doen.
Wat moet wanneer ? Bij dat werkstuk denk je: Dat doe ik straks wel
of dat doe ik volgende week. Er komt iets bij, nog iets,
en dan is het ineens: O, ik zit in de penarie.
(VOICE-OVER) Jongens voelen zich niet altijd goed in de vrouwelijke omgeving
van een lerarenopleiding. Om dat probleem aan te pakken,
organiseert de Hogeschool een jongenslunch
om te horen wat hun noden zijn
en er is 'n jongenscoach die hen helpt hun weg te vinden.
(DOCENT) Wij zorgen ervoor dat de jongens goed begeleid worden
en dat we de jongens bieden wat ze nodig hebben,
dus aan de ene kant heel veel structuur:
begeleiding bij plannen, begeleiding bij het maken van taken enzovoort,
maar ook aan de andere kant aandacht voor
wat die jongens zo bijzonder maakt, aandacht voor hun talenten.
(VOICE-OVER) In de reportage komen enkele tips aan bod
die je genderbewustzijn in de klas kunnen aanscherpen.
We zetten ze nog even op een rijtje.
Doorbreek traditionele rollenpatronen, ook in de kleuterklas
en erken alle vormen van jongens en meisjes zijn.
Maak geen groepen op basis van geslacht.
Laat jongens en meisjes zo veel mogelijk samenwerken
zodat ze leren omgaan met verschillen.
Voer een genderbewust studiekeuzebeleid.
Spoor leerlingen aan om te kiezen voor een studierichting
die aansluit bij hun talenten.
Zorg ervoor dat zowel jongens als meisjes
zich aangesproken voelen in de klas.
Meer informatie vind je in De Eerste Lijn-brochure en op klasse.be.